- Home
- Kennis
- Nieuwsbrieven
- Europees en Mededingingsrecht 2007
Europees en Mededingingsrecht 2007
De vakgroep Europees en Mededingingsrecht van AKD houdt de vinger aan de pols bij recente en belangrijke ontwikkelingen in de praktijk.
De vakgroep Europees en Mededingingsrecht van AKD houdt de vinger aan de pols bij recente en belangrijke ontwikkelingen in de praktijk.
Verdergaande plicht aanbesteding overheidsopdrachten
werken
Op 18 januari 2007 heeft de Europese rechter een
interessante uitspraak gedaan in de zaak van Jean Auroux tegen de
Franse gemeente Roanne. Ten gevolge van deze uitspraak dient een
overeenkomst voor de herinrichting van een stadswijk onder
omstandigheden als één overheidsopdracht voor de uitvoering van
werken te worden aangemerkt. Om die reden gelden voor een
dergelijke opdracht de gemeenschapsregels voor het plaatsen van
overheidsopdrachten, wanneer de geraamde waarde van die opdracht de
vastgestelde drempel voor dergelijke opdrachten overschrijdt. Die
drempel is momenteel EUR 5.278.000,00.
Roanne heeft in 2002 een overeenkomst gesloten met Société
d'équipement du département de la Loire ('SEDL'), een gemengde
vennootschap voor stadsontwikkeling, met betrekking tot de
ontwikkeling van een recreatiepark. Om de stad nieuw leven in te
blazen zouden onder meer een bioscoop, een hotel, bedrijfsruimten,
een parkeerterrein en openbare ruimten worden gerealiseerd. In de
overeenkomst hebben partijen onder meer afspraken gemaakt over de
aankoop van grond, het bijeenbrengen van kapitaal, het laten
uitvoeren van bouwwerken en de coördinatie van het project.
Bovendien betaalde Roanne een bijdrage voor het (openbare)
parkeerterrein en zou zij aan het eind van de looptijd alle nog
niet aan derden verkochte grond en bouwwerken van SEDL overnemen.
SEDL was niet verplicht om het gehele project vervolgens aan te
besteden; zij kon ook kiezen om delen van de opdracht zelf uit te
voeren. Roanne had de aanbestedingsplicht dus niet
doorgelegd.
Bij enkele gemeenteraadsleden bestond het vermoeden dat de opdracht
niet zonder Europese aanbestedingsprocedure aan SEDL had mogen
worden gegund. Zij hebben derhalve het Tribunal administratif de
Lyon verzocht om nietigverklaring van het betreffende besluit van
de gemeenteraad tot inschakeling van SEDL. Het Franse Tribunal
heeft vervolgens prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van
Justitie van de Europese Gemeenschappen.
Deze prejudiciële vragen zien op de interpretatie van het begrip
'overheidsopdracht voor werken', zoals dat is opgenomen in de
Europese Aanbestedingsrichtlijn. Het Hof van Justitie merkt op dat
de aanleg van het recreatiepark moet worden aangemerkt als een
"werk" in de zin van Richtlijn 2004/18/EG, de
Aanbestedingsrichtlijn. Dit gaat verder dan tot op heden is
uitgemaakt in de rechtspraak, omdat de overeenkomst niet alleen
ziet op de realisatie van openbare werken, maar ook op de
realisatie van de commerciële voorzieningen, zoals de bioscoop en
het hotel. Hierdoor lijkt de opvatting, dat enkel een
aanbestedingsplicht bestaat voor de realisatie van openbare werken,
door dit arrest niet meer op te gaan.
Het Hof van Justitie heeft overwogen dat voor de berekening van de
waarde van de onderhavige overheidsopdracht rekening moet worden
gehouden met de totale waarde van de opdracht voor de uitvoering
van werken. Daarbij moet niet alleen rekening gehouden worden met
wat de aanbestedende dienst aan de opdrachtnemer betaalt
(bijvoorbeeld voor infrastructuur), maar ook met inkomsten die de
aannemer van derden zal verkrijgen voor het project. Immers, voor
een potentiële inschrijver is de waarde van de gehele opdracht (dus
ook van het private gedeelte) van belang om te bepalen of hij een
offerte uit wil brengen of deelnemen aan een
aanbestedingsprocedure.
Het gevolg van dit arrest is dat in het vervolg niet alleen
opdrachten voor openbare werken, maar ook opdrachten voor
commerciële voorzieningen die door projectontwikkelaars worden
bekostigd en geëxploiteerd Europees moeten worden aanbesteed,
indien:
(i) de aanbestedende dienst concrete eisen stelt aan die
werken;
(ii) de opdrachten technisch en/of functioneel niet los van elkaar
kunnen worden gezien; en
(iii) de totale geraamde waarde van de opdrachten de toepasselijke
drempelwaarde overschrijdt.
Met deze uitspraak lijkt het Hof van Justitie definitief een knoop
te hebben doorgehakt voor wat betreft de mogelijke
aanbestedingsplicht voor opdrachten tot het realiseren van
commerciële (niet-openbare) werken, indien deze werken onderdeel
uitmaken van één technisch en/of functioneel geheel, waarvan de
waarde de Europese drempel overschrijdt. In ieder geval is voor
grote gemengde projecten (openbaar en niet openbaar) de
aanbestedingspicht - behoudens uitzonderingen - thans een
gegeven.
Overigens lijkt discussie mogelijk in het geval een aanbestedende
dienst geen enkel financieel risico draagt of een onderneming die
partij is bij een overeenkomst met een gemeente verplicht is om de
gehele uitvoering van de opdracht Europees aan te besteden. Dit
laatste wordt ook wel het doorleggen van de aanbestedingsplicht
genoemd. Het laatste woord is hier waarschijnlijk nog niet over
gezegd.